Oude doos

Artikelen - Algemeen - seizoen 1994-1995 - Voor Sparta is het seizoen eindelijk begonnen
Rotterdam,
Ik heb de afgelopen week echt een aantal slapeloze nachten gehad”, onthulde Han Berger na afloop van Sparta-FC Volendam. Dat gebrek aan nachtrust van de trainer had alles te maken met de dramatische seizoenstart van Sparta dat in zes duels slechts twee puntjes bijeen schraapte. Maar dat povere totaal was niet echt verrassend, want op het moment dat Berger de competitie-indeling onder ogen kreeg, vreesde hij al het ergste. In de eerste zes duels diende Sparta uit te komen tegen de nummers één tot en met vijf van de PTT Telecompetitie van vorig seizoen, terwijl de zesde tegenstander RKC heette, een team waarvan Sparta in Waalwijk nog nooit had gewonnen. Vandaar dat de wedstrijd van Sparta tegen Volendam van afgelopen zondag misschien wel de belangrijkste van het seizoen werd. “Als we van Volendam verliezen, dan zal pas echt de pleuris uitbreken”, wist Berger, ook al omdat Sparta na Volendam onmiddellijk twee loodzware uitwedstrijden voor de kiezen krijgt: tegen NAC en Roda JC. De hele week was Berger dan ook vooral bezig om zijn spelers enerzijds op het belang van winst op Volendam te wijzen, anderzijds moest hij voorkomen dat zijn relatief jonge ploeg ten onder zou gaan aan de spanning. Berger kreeg daarbij een ruggensteun in de vorm van de bekerwinst op Helmond Sport, vorige week woensdag, maar gerust was de Sparta-trainer allerminst op de afloop van de confrontatie met Volendam. Berger: “Je merkte dat er veel onrust en onzekerheid in de groep zat.” En routinier Ron van den Berg: “Iedereen besefte dat er hoe dan ook gewonnen méest worden. Vlak voor de wedstrijd voelde je de spanning dan ook enorm in de kleedkamer, het was veel stiller dan anders.” Die spanning bij Sparta was aanvankelijk goed zichtbaar tegen Volendam. Een aantal spelers leek in de openingsfase met rubberen benen te spelen, ook al doordat de organisatie bij Sparta niet klopte. René Binken, de libero van Volendam, schoof vanaf het eerste fluitsignaal door richting middenveld, terwijl zijn collega Van den Berg zich in de openingsfase ophield in zijn defensie. Sparta kreeg daardoor geen enkele greep op het middenveld. Pas nadat Van den Berg na tien minuten zijn verdediging in de steek liet, was het evenwicht hersteld. Maar ook daarna slaagde Sparta er niet in het toch opvallend matte Volendam terug te dringen. De onzekerheid bleef bij de meeste spelers overheersen, alleen Dennis de Nooijer bracht de laatste linie van Volendam in de eerste 25 minuten weleens in de problemen. Het was dan ook geen toeval dat de talentvolle spits aan de basis stond van de eerste goal, na 26 minuten via het hoofd van Van den Berg. Maar die bevrijdende goal zorgde niet voor de broodnodige rust bij Sparta, ook al doordat Alfons Groenendijk en Nico Jalink, twee ervaren spelers toch, het middenveld niet naar hun hand konden zetten. Hoewel Volendam zielloos bleef spelen, was de kans tot de laatste minuut aanwezig dat de ploeg van Wim Rijsbergen nog langszij zou komen. Zelfs nadat Alex Pastoor halverwege de tweede helft het veld af moest na zijn tweede gele kaart, slaagde Sparta er niet in ruimer afstand te nemen van tien Volendammers. Totdat Dennis de Nooijer kort voor het einde zijn onbetaalbare waarde voor Sparta bewees door eindelijk de tweede treffer te verzorgen. Daarvóór had Edwin Zoetebier, de enige Volendammer die een ruime voldoende verdiende, dat tweede doelpunt zeker tot vier keer toe voorkomen. Ik ben on-geloof-ljk opgelucht”, gaf Berger na afloop toe. “Ik ga er nu ook vanuit dat we nog vóór de winterstop op de plaats terechtkomen waar we thuishoren: ergens in de middenmoot.”

Het spelerspotentieel van Sparta zou ook borg moeten staan voor minimaal een positie in de middenmoot. De ploeg raakte Winston Bogarde weliswaar kwijt aan Ajax, maar daar stond de komst van Alfons Groenendijk tegenover. Ook Dennis de Nooijer die in de belangstelling stond bij een aantal subtopclubs, dreigde te vertrekken. Maar waar Sparta talenten in het verleden moeiteloos afstond als er een behoorlijke vergoedingssom tegenover stond, daar slaagde de club erin Dennis de Nooijer te behouden. Bovendien werd Dennis Krijgsman overgenomen van Vitesse en kwam Gilbert Taument over van Excelsior terwijl een talent als Milko Pieren zich nadrukkelijk aandiende. In de breedte is Sparta dan ook sterker geworden.

“Maar dat programma hè”, verzuchtte Berger nog maar eens. “Ik moet uitkijken dat mijn kritiek op Zeist niet als gezeur wordt uitgelegd, maar het is nu eenmaal een feit dat je een heel seizoen achter de feiten aan kan lopen als je in de eerste zes wedstrijden een aantal klappen krijgt. Die klappen hebben we ook gekregen, hoewel we zeker twee punten meer hadden moeten hebben. Tegen FC Twente en RKC hebben we in de laatste minuut een punt weggegeven en van PSV hadden we moeten winnen. Maar we bleven op twee punten steken waardoor de jonge spelers steeds minder vertrouwen kregen. Met de winst op Helmond Sport en nu op Volendam is het seizoen voor ons pas echt begonnen. Dat heb ik de spelers de afgelopen week ook voorgehouden.”

Hoewel Sparta in de eerste zes duels slechts twee punten vergaarde, werd er in die serie redelijk attractief gevoetbald. (Berger: Alleen tegen Feyenoord en Vitesse hebben we slecht gespeeld”). Tegen PSV leverde Sparta zelfs een sprankelende wedstrijd af, maar de ploeg van Han Berger is nog altijd niet in evenwicht. Achterin kent Berger geen problemen, integendeel. Edward Metgod is een geroutineerde doelman. Metgod kampt alleen nog met een schouderblessure. Het is voor Sparta te hopen dat hij snel terugkeert, want zijn vervanger Frank Kooiman maakte tegen Volendam geen sterke indruk. Voor zijn defensie kan Berger beschikken over de rustgevende en sterk organiserende vrije man Ron van den Berg, de meer dan eredivisiewaardige linksback Gerard de Nooijer en over de dit seizoen opvallend sterk spelende John Veldman als voorstopper, back of verdedigende middenvelder. Van den Berg: “Ik kan me de belangstelling van PSV voor Veldman goed voorstellen. Hij is dit seizoen een van de beste verdedigers van Nederland, beter nog dan Van Gobbel.” Voor de rechtsbackpositie heeft Berger zelfs een aantal mogelijkheden nu ook de jeugdige Mark Noorlander zich heeft aangediend.

De problemen beginnen op het middenveld dat diepgang ontbeert na het vertrek van Bogarde naar Ajax. Groenendijk is meer een ondersteunende middenvelder, tot nu toe speelt hij bovendien nogal wisselvallig. Berger: “Als we vorig seizoen twintig aanvallen hadden in een wedstrijd, dan kwam Winston twintig keer voor de goal. Bogarde maakte vorig jaar dan ook twaalf goals. En bij tegenstoten was hij twintig keer op tijd terug. Met Fons is het nog een beetje zoeken. Pieren heeft een aantal wedstrijden voor de diepte gezorgd, maar hij is nog erg onervaren. Tegen Volendam hebben we het met Carlos Fortes diep aan de linkerkant geprobeerd en ik moet zeggen dat-ie dat uitstekend deed. Maar we zijn er nog niet helemaal uit.”

Voorin is Sparta qua scorend vermogen te veel afhankelijk van Dennis de Nooijer, die dit seizoen alweer vijf keer scoorde. Arjan van der Laan, de veelbewegende rechterspits, is een attractieve speler, maar hij is veel meer een aangever dan een afmaker. Berger: “Vandaar dat we steeds op zoek zijn geweest naar een scorende spits. Vorige week dachten we hem te hebben: Prince Polley. Op dinsdag ging ik er nog vanuit dat Polley met ons tegen Volendam zou spelen, maar donderdag las ik tot m’n verbazing op Teletekst dat hij voor Heerenveen had gekozen. We zullen nu naar een alternatief op zoek moeten, maar dat zal niet meevallen.”

En Van den Berg: “Maar als er geen nieuwe spits bijkomt, dan is er nog niets aan de hand. Met dit materiaal mogen we nooit in de problemen komen. Tegen PSV hebben we bewezen dat we een lekker elftal hebben dat goed kan voetballen en dat zelfs een goeie bankbezetting heeft. Berger moet deze groep gewoon het vertrouwen blijven geven. Dan komen de punten vanzelf. En als het een beetje meezit, dan kunnen we misschien nog wel aansluiten bij de subtop.”
Geschreven door: Bert Nederlof
Bron: Voetbal International
Ik heb de afgelopen week echt een aantal slapeloze nachten gehad”, onthulde Han Berger na afloop van Sparta-FC Volendam. Dat gebrek aan nachtrust van de trainer had alles te maken met de dramatische seizoenstart van Sparta dat in zes duels slechts twee puntjes bijeen schraapte. Maar dat povere totaal was niet echt verrassend, want op het moment dat Berger de competitie-indeling onder ogen kreeg, vreesde hij al het ergste. In de eerste zes duels diende Sparta uit te komen tegen de nummers één tot en met vijf van de PTT Telecompetitie van vorig seizoen, terwijl de zesde tegenstander RKC heette, een team waarvan Sparta in Waalwijk nog nooit had gewonnen. Vandaar dat de wedstrijd van Sparta tegen Volendam van afgelopen zondag misschien wel de belangrijkste van het seizoen werd. “Als we van Volendam verliezen, dan zal pas echt de pleuris uitbreken”, wist Berger, ook al omdat Sparta na Volendam onmiddellijk twee loodzware uitwedstrijden voor de kiezen krijgt: tegen NAC en Roda JC. De hele week was Berger dan ook vooral bezig om zijn spelers enerzijds op het belang van winst op Volendam te wijzen, anderzijds moest hij voorkomen dat zijn relatief jonge ploeg ten onder zou gaan aan de spanning. Berger kreeg daarbij een ruggensteun in de vorm van de bekerwinst op Helmond Sport, vorige week woensdag, maar gerust was de Sparta-trainer allerminst op de afloop van de confrontatie met Volendam. Berger: “Je merkte dat er veel onrust en onzekerheid in de groep zat.” En routinier Ron van den Berg: “Iedereen besefte dat er hoe dan ook gewonnen méest worden. Vlak voor de wedstrijd voelde je de spanning dan ook enorm in de kleedkamer, het was veel stiller dan anders.” Die spanning bij Sparta was aanvankelijk goed zichtbaar tegen Volendam. Een aantal spelers leek in de openingsfase met rubberen benen te spelen, ook al doordat de organisatie bij Sparta niet klopte. René Binken, de libero van Volendam, schoof vanaf het eerste fluitsignaal door richting middenveld, terwijl zijn collega Van den Berg zich in de openingsfase ophield in zijn defensie. Sparta kreeg daardoor geen enkele greep op het middenveld. Pas nadat Van den Berg na tien minuten zijn verdediging in de steek liet, was het evenwicht hersteld. Maar ook daarna slaagde Sparta er niet in het toch opvallend matte Volendam terug te dringen. De onzekerheid bleef bij de meeste spelers overheersen, alleen Dennis de Nooijer bracht de laatste linie van Volendam in de eerste 25 minuten weleens in de problemen. Het was dan ook geen toeval dat de talentvolle spits aan de basis stond van de eerste goal, na 26 minuten via het hoofd van Van den Berg. Maar die bevrijdende goal zorgde niet voor de broodnodige rust bij Sparta, ook al doordat Alfons Groenendijk en Nico Jalink, twee ervaren spelers toch, het middenveld niet naar hun hand konden zetten. Hoewel Volendam zielloos bleef spelen, was de kans tot de laatste minuut aanwezig dat de ploeg van Wim Rijsbergen nog langszij zou komen. Zelfs nadat Alex Pastoor halverwege de tweede helft het veld af moest na zijn tweede gele kaart, slaagde Sparta er niet in ruimer afstand te nemen van tien Volendammers. Totdat Dennis de Nooijer kort voor het einde zijn onbetaalbare waarde voor Sparta bewees door eindelijk de tweede treffer te verzorgen. Daarvóór had Edwin Zoetebier, de enige Volendammer die een ruime voldoende verdiende, dat tweede doelpunt zeker tot vier keer toe voorkomen. Ik ben on-geloof-ljk opgelucht”, gaf Berger na afloop toe. “Ik ga er nu ook vanuit dat we nog vóór de winterstop op de plaats terechtkomen waar we thuishoren: ergens in de middenmoot.”

Het spelerspotentieel van Sparta zou ook borg moeten staan voor minimaal een positie in de middenmoot. De ploeg raakte Winston Bogarde weliswaar kwijt aan Ajax, maar daar stond de komst van Alfons Groenendijk tegenover. Ook Dennis de Nooijer die in de belangstelling stond bij een aantal subtopclubs, dreigde te vertrekken. Maar waar Sparta talenten in het verleden moeiteloos afstond als er een behoorlijke vergoedingssom tegenover stond, daar slaagde de club erin Dennis de Nooijer te behouden. Bovendien werd Dennis Krijgsman overgenomen van Vitesse en kwam Gilbert Taument over van Excelsior terwijl een talent als Milko Pieren zich nadrukkelijk aandiende. In de breedte is Sparta dan ook sterker geworden.

“Maar dat programma hè”, verzuchtte Berger nog maar eens. “Ik moet uitkijken dat mijn kritiek op Zeist niet als gezeur wordt uitgelegd, maar het is nu eenmaal een feit dat je een heel seizoen achter de feiten aan kan lopen als je in de eerste zes wedstrijden een aantal klappen krijgt. Die klappen hebben we ook gekregen, hoewel we zeker twee punten meer hadden moeten hebben. Tegen FC Twente en RKC hebben we in de laatste minuut een punt weggegeven en van PSV hadden we moeten winnen. Maar we bleven op twee punten steken waardoor de jonge spelers steeds minder vertrouwen kregen. Met de winst op Helmond Sport en nu op Volendam is het seizoen voor ons pas echt begonnen. Dat heb ik de spelers de afgelopen week ook voorgehouden.”

Hoewel Sparta in de eerste zes duels slechts twee punten vergaarde, werd er in die serie redelijk attractief gevoetbald. (Berger: Alleen tegen Feyenoord en Vitesse hebben we slecht gespeeld”). Tegen PSV leverde Sparta zelfs een sprankelende wedstrijd af, maar de ploeg van Han Berger is nog altijd niet in evenwicht. Achterin kent Berger geen problemen, integendeel. Edward Metgod is een geroutineerde doelman. Metgod kampt alleen nog met een schouderblessure. Het is voor Sparta te hopen dat hij snel terugkeert, want zijn vervanger Frank Kooiman maakte tegen Volendam geen sterke indruk. Voor zijn defensie kan Berger beschikken over de rustgevende en sterk organiserende vrije man Ron van den Berg, de meer dan eredivisiewaardige linksback Gerard de Nooijer en over de dit seizoen opvallend sterk spelende John Veldman als voorstopper, back of verdedigende middenvelder. Van den Berg: “Ik kan me de belangstelling van PSV voor Veldman goed voorstellen. Hij is dit seizoen een van de beste verdedigers van Nederland, beter nog dan Van Gobbel.” Voor de rechtsbackpositie heeft Berger zelfs een aantal mogelijkheden nu ook de jeugdige Mark Noorlander zich heeft aangediend.

De problemen beginnen op het middenveld dat diepgang ontbeert na het vertrek van Bogarde naar Ajax. Groenendijk is meer een ondersteunende middenvelder, tot nu toe speelt hij bovendien nogal wisselvallig. Berger: “Als we vorig seizoen twintig aanvallen hadden in een wedstrijd, dan kwam Winston twintig keer voor de goal. Bogarde maakte vorig jaar dan ook twaalf goals. En bij tegenstoten was hij twintig keer op tijd terug. Met Fons is het nog een beetje zoeken. Pieren heeft een aantal wedstrijden voor de diepte gezorgd, maar hij is nog erg onervaren. Tegen Volendam hebben we het met Carlos Fortes diep aan de linkerkant geprobeerd en ik moet zeggen dat-ie dat uitstekend deed. Maar we zijn er nog niet helemaal uit.”

Voorin is Sparta qua scorend vermogen te veel afhankelijk van Dennis de Nooijer, die dit seizoen alweer vijf keer scoorde. Arjan van der Laan, de veelbewegende rechterspits, is een attractieve speler, maar hij is veel meer een aangever dan een afmaker. Berger: “Vandaar dat we steeds op zoek zijn geweest naar een scorende spits. Vorige week dachten we hem te hebben: Prince Polley. Op dinsdag ging ik er nog vanuit dat Polley met ons tegen Volendam zou spelen, maar donderdag las ik tot m’n verbazing op Teletekst dat hij voor Heerenveen had gekozen. We zullen nu naar een alternatief op zoek moeten, maar dat zal niet meevallen.”

En Van den Berg: “Maar als er geen nieuwe spits bijkomt, dan is er nog niets aan de hand. Met dit materiaal mogen we nooit in de problemen komen. Tegen PSV hebben we bewezen dat we een lekker elftal hebben dat goed kan voetballen en dat zelfs een goeie bankbezetting heeft. Berger moet deze groep gewoon het vertrouwen blijven geven. Dan komen de punten vanzelf. En als het een beetje meezit, dan kunnen we misschien nog wel aansluiten bij de subtop.”

Terug