Oude doos

Artikelen - Algemeen - seizoen 1971-1972 - Ferreira, Volendams sardientje
Volendam,
Als Walter Ferreira de vissersboten in de haven van Volendam ziet, wordt hij weer een beetje aan thuis herinnerd. Zijn thuis is de Angolese vissersplaats Porto Alexandre. De Volendamse botters zijn heel wat meer solide dan de grote roeiboten, waar de Angolese visser mee de vangst op gaat, paling lijkt niet op sardientjes, maar heel het visserijbedrijf heeft voor Ferreira niets vreemds. Als zoon van een sardienenvisser is hij in Volendam visser onder de vissers. Op Walter Ferreira had het beroep weinig aantrekkingskracht. Hij was zestien jaar toen hij naar Lissabon vertrok. Om te studeren en te voetballen. Sporting Lisboa nam hem onder contract.

Sporting Lisboa, Belenenses in Lissabon, Red Star in Parijs en nu Volendam. Een profcarrière van negen jaar. Tegen clubs uit de halve wereld heeft Walter Ferreira doelpunten gemaakt. Goals werden zijn handelsmerk. En juist een handelaar met deze koopwaar zocht Volendam.


© Robert Collette

Ferreira's eerste kennismaking met de Nederlandse arbitrage: waarschuwing van Van der Korft

Ferreira: “lk heb een contract voor anderhalf jaar bij Volendam. Het eerste halve jaar is belangrijk voor me. Maar niet in de allereerste plaats vanwege de goals. Ik moet helpen Volendam uit de degradatie te houden. Daarvoor zijn niet alleen doelpunten van mij nodig. Die komen vanzelf als ik de jongens in de ploeg goed leer kennen. Ik moet me aanpassen. Toen ik uit Parijs naar Volendam kwam was mijn conditie onvoldoende. Die moet eerst worden opgevoerd. Ik train elke morgen met trainer Croon om die achterstand weg te werken. Ik ben nu ongeveer halverwege de vereiste conditie. Dat is aanzienlijk meer dan er in Frankrijk werd gevraagd. Maar daar wordt dan ook nauwelijks in tempo gevarieerd. Alles gaat er op een niet al te hoge snelheid. Als je dan voldoende techniek hebt, been je het gemakkelijk bij. In Holland heb je topconditie nodig om mee te kunnen komen en blinken de meest begaafden dan pas door hun techniek uit. Hoeveel doelpunten ik dit seizoen voor Volendam maak, kan ik niet voorspellen. Maar volgend seizoen reken ik er op, dat ik hoog op de topscorerslijst zal meedoen.”

— Een jaar is Walter Ferreira (getrouwd, zoon van vijf die in Lissabon is gebleven en dochter van 1½ die mee naar Volendam kwam) uit Lissabon weg en is nu al bij zijn tweede club.

Ferreira: “lk heb twee halve seizoenen voor Red Star gespeeld. De club uit Parijs haalde me bij Belenenses weg om dezelfde redenen als Volendam nu bij Red Star. Red Star stond zeer slecht op de ranglijst en had niemand die een doelpunt kon maken. We handhaafden ons vorig seizoen in de eerste divisie en er werd versterking aangetrokken. We zaten toen met vier buitenlanders bij de club: twee Paraguezen, een Argentijn en ik. De club mocht maar twee buitenlanders laten spelen en zat financieel erg moeilijk. Daarom vroeg de directie mij of ik niet wegwilde. Voor mij was het meeste geld te krijgen en bovendien zou ik het gemakkelijkst te verkopen zijn. Ik wilde wel. Belangstelling was er genoeg in Frankrijk. Monaco en Sochaux wilden me, bij Lille was een mogelijkheid, drie tweede divisieclubs toonden interesse. Maar ik wilde wat anders. Ik wilde naar het grote voetbal. In Nederland wordt momenteel het beste voetbal gespeeld, dus daarom wilde ik het hier proberen. Ik kreeg van Red Star veertien dagen vrij om zelf op zoek te gaan. Ik ben naar Ajax gegaan. Ik wist uit kranten en voetbalbladen dat trainer Kovacs uitstekend Frans sprak, dus met hem zou ik kunnen praten. Ik heb veertien dagen bij Ajax de training gevolgd. Daarna met Van Praag gepraat. Hij wilde me nu niet, omdat Ajax al twee buitenlanders had en op mijn plaats (rechtsbuiten, rechterspits) voldoende sterkte had. Nu niet, misschien later. Er waren geruchten, dat Feyenoord met Red Star zou hebben gepraat, maar daar kwam Ladinsky, dus was er voor mij geen plaats. Ik heb zelf Elek Schwartz van Sparta gebeld. Het leverde niets op. Bovendien was mijn vrije tijd op en moest ik terug naar Parijs om weer competitie te spelen. Toen wilde Red Star me eigenlijk niet meer kwijt. De club zakte weer op de ranglijst. Vanuit Parijs heb ik Kovacs nog eens gebeld. En via hem kwam ik in contact met Jack de Vries (hij heeft bemoeienis gehad met het contract van Cruyff). Ik had hem ontmoet bij de wedstrijd Ajax-Spartak Trnava toen Ajax de lichtinstallatie in gebruik nam. Hij heeft wat clubs voor me gebeld. Volendam had interesse. Ik heb een oefenwedstrijd meegespeeld, twee goals gemaakt en ik kreeg een contract. Ik was toch in Holland. Weer in Holland eigenlijk. In 1964 heb ik hier met de Portugese jeugdploeg (16-18 jaar) aan het UEFA-jeugdtoernooi deelgenomen. We werden toen derde. Toen was het Portugese voetbal nog zoveel sterker dan het Nederlandse…”

— Je bent de eerste buitenlander. die ooit door Volendam gecontracteerd is. Een vreemde eend in de nog al gesloten Volendamse gemeenschap. Bovendien werd je gecontracteerd om doelpunten te maken en dat lukt nog niet zo best. Hoe bekijkt men je?


© Robert Collette

Walter Ferreira probeert zijn bewaker Toon Schuurman (FC Den Bosch) te misleiden

Ferreira: “Vanaf het eerste ogenblik is men in Volendam zeer gastvrij voor me geweest. Ik wil nu wat voor die mensen terugdoen. Ze hebben me als een vriend opgenomen. Het enige probleem is eigenlijk de taal. Portugees verstaat niemand. Ik spreek Frans, maar dat verstaan de spelers slecht en ik spreek maar weinig Engels, dat zij wel beter begrijpen. Ik probeer zo gauw mogelijk wat Hollands te Ieren. Een heleboel woordjes uit het dagelijks leven kan ik al nazeggen. Met trainer Croon praat ik Engels, masseur Van Dinteren spreekt voortreffelijk Frans. Zo komen we er wel. Alleen in het veld is het moeilijk. Dan wordt er in het Hollands tegen me geroepen. Maar over een maand zal ik wat daar gesproken wordt wel begrijpen. Dat vereenvoudigt waarschijnlijk het voetballen ook voor me. Het probleem van Volendam is, dat de ploeg altijd maar wil winnen. Een gezond idee natuurlijk, maar met de plaats die wij op de ranglijst hebben telt elk punt voor twee. Dan moet je wel eens wat terughouden om in ieder geval dat ene punt in de wacht te slepen. De ploeg moet rustig worden, dan halen we meer punten. Wij degraderen niet. Het zou overigens de eerste keer zijn, dat de club waarbij ik speel degradeerde. Red Star heb ik in mijn eerste halve seizoen in tien minuten gered. bij Volendam heb ik nog dertien wedstrijden .. Red Star moest zijn laatste wedstrijd tegen Valenciennes vorig seizoen winnen. We kwamen met 1-0 achter, maar binnen tien minuten maakte ik twee goals en daardoor speelt Red Star dit seizoen weer eerste divisie. Je zult zien als het middenveld bij Volendam goed speelt, dat ik meer doelpunten ga maken. Tegen FC Den Bosch was dat het geval, ik scoorde en we wonnen. Volendam heeft vele goede technici, er is dus een goed middenveld te formeren en als Kras terugkomt, komt er waarschijnlijk ook wat meer rust. Hij is wat meer ervaren. Trainer Croon wil wat aan het systeem veranderen, waardoor ik wat meer voor de ploeg kan betekenen.”

— Je kwam naar Holland voor het grote voetbal. Dat wordt bij Volendam niet gespeeld.

Ferreira: ”Volendam kan misschien een mooi begin voor me zijn. Dat zal over anderhalf jaar blijken. Mijn eerste grote probleem is: Volendam mag niet degraderen. Lukt dat, dan komt daarna misschien een nieuw probleem: dat ze me niet kwijt willen. We raken langzaam op een beslissend uur voor de club, het dorp en zijn publiek...en voor mij, want ik ben gekomen om in de eredivisie voetbal te spelen. Wat ik in Volendam niet begrijp is het publiek. Buiten het stadion staan alle mensen klaar om je te helpen, maar er binnen is het een slecht publiek. Ik wil hierbij aan ze vragen om toch vooral rustig te blijven. Als het bij ons niet zo best gaat, schreeuwen ze voor de tegenpartij. Ze moeten onze twaalfde man zijn Ik heb niet zo’n last van dat geschreeuw, ik ben al lang genoeg prof, maar ik heb het gevoel dat de Volendamse jongens er onder lijden. Ze spelen buiten Volendam beter.”
Geschreven door: Kees van den Berg
Bron: Voetbal International
Als Walter Ferreira de vissersboten in de haven van Volendam ziet, wordt hij weer een beetje aan thuis herinnerd. Zijn thuis is de Angolese vissersplaats Porto Alexandre. De Volendamse botters zijn heel wat meer solide dan de grote roeiboten, waar de Angolese visser mee de vangst op gaat, paling lijkt niet op sardientjes, maar heel het visserijbedrijf heeft voor Ferreira niets vreemds. Als zoon van een sardienenvisser is hij in Volendam visser onder de vissers. Op Walter Ferreira had het beroep weinig aantrekkingskracht. Hij was zestien jaar toen hij naar Lissabon vertrok. Om te studeren en te voetballen. Sporting Lisboa nam hem onder contract.

Sporting Lisboa, Belenenses in Lissabon, Red Star in Parijs en nu Volendam. Een profcarrière van negen jaar. Tegen clubs uit de halve wereld heeft Walter Ferreira doelpunten gemaakt. Goals werden zijn handelsmerk. En juist een handelaar met deze koopwaar zocht Volendam.


© Robert Collette

Ferreira's eerste kennismaking met de Nederlandse arbitrage: waarschuwing van Van der Korft

Ferreira: “lk heb een contract voor anderhalf jaar bij Volendam. Het eerste halve jaar is belangrijk voor me. Maar niet in de allereerste plaats vanwege de goals. Ik moet helpen Volendam uit de degradatie te houden. Daarvoor zijn niet alleen doelpunten van mij nodig. Die komen vanzelf als ik de jongens in de ploeg goed leer kennen. Ik moet me aanpassen. Toen ik uit Parijs naar Volendam kwam was mijn conditie onvoldoende. Die moet eerst worden opgevoerd. Ik train elke morgen met trainer Croon om die achterstand weg te werken. Ik ben nu ongeveer halverwege de vereiste conditie. Dat is aanzienlijk meer dan er in Frankrijk werd gevraagd. Maar daar wordt dan ook nauwelijks in tempo gevarieerd. Alles gaat er op een niet al te hoge snelheid. Als je dan voldoende techniek hebt, been je het gemakkelijk bij. In Holland heb je topconditie nodig om mee te kunnen komen en blinken de meest begaafden dan pas door hun techniek uit. Hoeveel doelpunten ik dit seizoen voor Volendam maak, kan ik niet voorspellen. Maar volgend seizoen reken ik er op, dat ik hoog op de topscorerslijst zal meedoen.”

— Een jaar is Walter Ferreira (getrouwd, zoon van vijf die in Lissabon is gebleven en dochter van 1½ die mee naar Volendam kwam) uit Lissabon weg en is nu al bij zijn tweede club.

Ferreira: “lk heb twee halve seizoenen voor Red Star gespeeld. De club uit Parijs haalde me bij Belenenses weg om dezelfde redenen als Volendam nu bij Red Star. Red Star stond zeer slecht op de ranglijst en had niemand die een doelpunt kon maken. We handhaafden ons vorig seizoen in de eerste divisie en er werd versterking aangetrokken. We zaten toen met vier buitenlanders bij de club: twee Paraguezen, een Argentijn en ik. De club mocht maar twee buitenlanders laten spelen en zat financieel erg moeilijk. Daarom vroeg de directie mij of ik niet wegwilde. Voor mij was het meeste geld te krijgen en bovendien zou ik het gemakkelijkst te verkopen zijn. Ik wilde wel. Belangstelling was er genoeg in Frankrijk. Monaco en Sochaux wilden me, bij Lille was een mogelijkheid, drie tweede divisieclubs toonden interesse. Maar ik wilde wat anders. Ik wilde naar het grote voetbal. In Nederland wordt momenteel het beste voetbal gespeeld, dus daarom wilde ik het hier proberen. Ik kreeg van Red Star veertien dagen vrij om zelf op zoek te gaan. Ik ben naar Ajax gegaan. Ik wist uit kranten en voetbalbladen dat trainer Kovacs uitstekend Frans sprak, dus met hem zou ik kunnen praten. Ik heb veertien dagen bij Ajax de training gevolgd. Daarna met Van Praag gepraat. Hij wilde me nu niet, omdat Ajax al twee buitenlanders had en op mijn plaats (rechtsbuiten, rechterspits) voldoende sterkte had. Nu niet, misschien later. Er waren geruchten, dat Feyenoord met Red Star zou hebben gepraat, maar daar kwam Ladinsky, dus was er voor mij geen plaats. Ik heb zelf Elek Schwartz van Sparta gebeld. Het leverde niets op. Bovendien was mijn vrije tijd op en moest ik terug naar Parijs om weer competitie te spelen. Toen wilde Red Star me eigenlijk niet meer kwijt. De club zakte weer op de ranglijst. Vanuit Parijs heb ik Kovacs nog eens gebeld. En via hem kwam ik in contact met Jack de Vries (hij heeft bemoeienis gehad met het contract van Cruyff). Ik had hem ontmoet bij de wedstrijd Ajax-Spartak Trnava toen Ajax de lichtinstallatie in gebruik nam. Hij heeft wat clubs voor me gebeld. Volendam had interesse. Ik heb een oefenwedstrijd meegespeeld, twee goals gemaakt en ik kreeg een contract. Ik was toch in Holland. Weer in Holland eigenlijk. In 1964 heb ik hier met de Portugese jeugdploeg (16-18 jaar) aan het UEFA-jeugdtoernooi deelgenomen. We werden toen derde. Toen was het Portugese voetbal nog zoveel sterker dan het Nederlandse…”

— Je bent de eerste buitenlander. die ooit door Volendam gecontracteerd is. Een vreemde eend in de nog al gesloten Volendamse gemeenschap. Bovendien werd je gecontracteerd om doelpunten te maken en dat lukt nog niet zo best. Hoe bekijkt men je?


© Robert Collette

Walter Ferreira probeert zijn bewaker Toon Schuurman (FC Den Bosch) te misleiden

Ferreira: “Vanaf het eerste ogenblik is men in Volendam zeer gastvrij voor me geweest. Ik wil nu wat voor die mensen terugdoen. Ze hebben me als een vriend opgenomen. Het enige probleem is eigenlijk de taal. Portugees verstaat niemand. Ik spreek Frans, maar dat verstaan de spelers slecht en ik spreek maar weinig Engels, dat zij wel beter begrijpen. Ik probeer zo gauw mogelijk wat Hollands te Ieren. Een heleboel woordjes uit het dagelijks leven kan ik al nazeggen. Met trainer Croon praat ik Engels, masseur Van Dinteren spreekt voortreffelijk Frans. Zo komen we er wel. Alleen in het veld is het moeilijk. Dan wordt er in het Hollands tegen me geroepen. Maar over een maand zal ik wat daar gesproken wordt wel begrijpen. Dat vereenvoudigt waarschijnlijk het voetballen ook voor me. Het probleem van Volendam is, dat de ploeg altijd maar wil winnen. Een gezond idee natuurlijk, maar met de plaats die wij op de ranglijst hebben telt elk punt voor twee. Dan moet je wel eens wat terughouden om in ieder geval dat ene punt in de wacht te slepen. De ploeg moet rustig worden, dan halen we meer punten. Wij degraderen niet. Het zou overigens de eerste keer zijn, dat de club waarbij ik speel degradeerde. Red Star heb ik in mijn eerste halve seizoen in tien minuten gered. bij Volendam heb ik nog dertien wedstrijden .. Red Star moest zijn laatste wedstrijd tegen Valenciennes vorig seizoen winnen. We kwamen met 1-0 achter, maar binnen tien minuten maakte ik twee goals en daardoor speelt Red Star dit seizoen weer eerste divisie. Je zult zien als het middenveld bij Volendam goed speelt, dat ik meer doelpunten ga maken. Tegen FC Den Bosch was dat het geval, ik scoorde en we wonnen. Volendam heeft vele goede technici, er is dus een goed middenveld te formeren en als Kras terugkomt, komt er waarschijnlijk ook wat meer rust. Hij is wat meer ervaren. Trainer Croon wil wat aan het systeem veranderen, waardoor ik wat meer voor de ploeg kan betekenen.”

— Je kwam naar Holland voor het grote voetbal. Dat wordt bij Volendam niet gespeeld.

Ferreira: ”Volendam kan misschien een mooi begin voor me zijn. Dat zal over anderhalf jaar blijken. Mijn eerste grote probleem is: Volendam mag niet degraderen. Lukt dat, dan komt daarna misschien een nieuw probleem: dat ze me niet kwijt willen. We raken langzaam op een beslissend uur voor de club, het dorp en zijn publiek...en voor mij, want ik ben gekomen om in de eredivisie voetbal te spelen. Wat ik in Volendam niet begrijp is het publiek. Buiten het stadion staan alle mensen klaar om je te helpen, maar er binnen is het een slecht publiek. Ik wil hierbij aan ze vragen om toch vooral rustig te blijven. Als het bij ons niet zo best gaat, schreeuwen ze voor de tegenpartij. Ze moeten onze twaalfde man zijn Ik heb niet zo’n last van dat geschreeuw, ik ben al lang genoeg prof, maar ik heb het gevoel dat de Volendamse jongens er onder lijden. Ze spelen buiten Volendam beter.”

Terug